Vergaderingen zonder duidelijke tijdsafspraak hebben de neiging om steeds een beetje langer te duren dan eigenlijk nodig was. Niemand besluit dat bewust, maar bij gebrek aan een duidelijk eindpunt schuift het gesprek gestaag door, tot de agenda allang is afgerond en er toch nog wordt doorgepraat. Aan het einde van zo'n dag blijkt dan dat er telkens net iets meer tijd is verloren dan gepland.
Door vooraf een korte, vaste duur af te spreken, ontstaat er een natuurlijke grens waar iedereen zich naar richt. Die grens hoeft niet streng te voelen, maar geeft het gesprek wel vanzelf meer richting en tempo. Zelfs een informele afspraak vooraf blijkt vaak al voldoende om het gesprek merkbaar scherper te houden.
Deel de afgesproken tijd bij de start
Noem de afgesproken duur kort bij het begin van de vergadering, zodat iedereen vanaf de eerste minuut weet binnen welk tijdsbestek gewerkt wordt. Deze korte herinnering voorkomt dat de tijd later als een verrassing aanvoelt. Wie van tevoren weet hoeveel tijd er is, verdeelt de eigen bijdrage vanzelf al iets bewuster.
Wie merkt dat de tijd bijna om is, kan de laatste minuten gebruiken om samen te vatten in plaats van nog een nieuw onderwerp te beginnen. Zo eindigt de vergadering met een duidelijk overzicht in plaats van een halfafgemaakt gesprek.
Een vaste, korte duur werkt ook goed samen met een beperkte agenda. Wanneer beide op elkaar zijn afgestemd, blijft er weinig ruimte over voor onderwerpen die eigenlijk niet op dit moment thuishoren. De combinatie van beide maakt een vergadering vaak nog scherper dan elke maatregel afzonderlijk zou doen.
Met een afgesproken duur voelt elke vergadering voorspelbaarder aan, voor iedereen die eraan deelneemt. De tijd die vrijkomt door op tijd te stoppen, komt vervolgens ten goede aan de rest van de werkdag. Over een hele week bij elkaar opgeteld, levert deze gewoonte verrassend veel extra ruimte op.